bals en danspartijen, belasting 2014-2019

datum goedkeuring

18 november 2013

datum bekendmaking

4 december 2013

Art.1.- Voor de aanslagjaren 2014 tot en met 2019 wordt ten behoeve van de gemeente een belasting op de permanente en periodieke bals en danspartijen geheven.

Art.2.- De belasting wordt als volgt vastgesteld.

Het basistarief van de belasting bedraagt 0,50 euro per dag en per vierkante meter oppervlakte van de gelagzaal. De exploitant dient vooraf een verklaring aan het gemeentebestuur af te leggen waarmee data van de bals en danspartijen dienen medegedeeld worden en een bedrag gelijk aan de vermoedelijke belasting dient eveneens vooraf en in éénmaal in bewaring te worden gegeven.

De belastingplichtige heeft evenwel de keuze tussen ofwel de betaling van het basistarief, ofwel de betaling van een forfaitair tarief als volgt: 6.200,00 euro per jaar voor lokalen waar het ganse jaar door iedere dag of tijdens de weekends gedanst wordt. Deze forfaitaire belasting van 6.200,00 euro is voor een volledig jaar verschuldigd voor exploitaties, geopend in het eerste kwartaal van het jaar; voor exploitaties, geopend in het tweede kwartaal, wordt de belasting met 1/4, en voor exploitaties, geopend in het 3e kwartaal met 1/2 verminderd; voor exploitaties geopend tijdens het vierde kwartaal bedraagt de belasting 1/4 van het forfaitair bedrag. Geen ontheffing noch vermindering van de forfaitaire belasting wordt verleend wegens ontbinding, sluiting van de exploitatie, of afgelasting van de bals in de loop van het aanslagjaar.

Voor lokalen waar het ganse jaar door iedere dag of tijdens de weekends gedanst wordt dient een bedrag gelijk aan de vermoedelijke belasting vóór de opening van het lokaal of vóór 15 januari van het aanslagjaar in bewaring gegeven te worden.

Het in bewaring gegeven bedrag zal van ambtswege als een verworven contant-belasting worden geboekt en ten opzichte van de belastingplichtige met een kwitantie worden bevestigd indien geen tegenbericht van de belastingplichtige bij het gemeentebestuur toekomt uiterlijk de dag vóór de dag waarop het belastbare feit zich zal voltrekken. Bij gebreke van betaling wordt de belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.

Art.3.-De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen ter zake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het gelijknamige decreet van 30 mei 2008 en latere wijzigingen.

Art.4.- Indien het onderzoek ‘de commodo et incommodo” dat nopens onderhavig besluit zal ingesteld worden geen bezwaar oplevert, of wanneer de bezwaren, die tijdens dit onderzoek worden ingediend, door de gemeenteraad worden verworpen, zal het thans gestemde reglement als definitief aangezien en voor akteneming gezonden worden aan de bevoegde overheid.